1524 - nu Tijd van ontdekkers en hervormers

Zeven dagen per week kerken in Rijen

Wie nu De Boodschap in Rijen binnenloopt, doet dat voor de bibliotheek, de seniorensoos, de Multiculturele Vereniging of activiteiten als een cursus, een film of theater. Maar ooit was dit cultureel centrum een katholieke kerk, waar gelovigen samenkwamen.

In de volksmond heette de Maria Boodschap de ‘nieuwe’ kerk; in de Hoofdstraat stond immers al veel langer de Maria Magdalena. Deze ‘oude’ kerk functioneert nog steeds als gebedshuis, al is het aantal gelovigen intussen wel teruggelopen. Ook het gebouw heeft – gerenoveerd en wel - de tand des tijds weten te doorstaan. Het is niet meer uit het dorpsbeeld weg te denken. Je zou bijna vergeten dat er een tijd was dat Rijen géén kerk had en dat de inwoners naar die van Gilze moesten.

Om precies te zijn tot 1464 waren de Rijenaren op de kerk van Gilze aangewezen. In dat jaar kwam er een kapel in het dorp. Hoewel die nog steeds onder de moederkerk van Gilze hoorde, konden er in ieder geval missen gelezen worden. Het gebouwtje had één altaar, toegewijd aan de heilige Maria Magdalena en de heilige Catharina. Op den duur heeft de eerste het alleenrecht gekregen. De kerkmeesters van Rijen ijverden voor een zelfstandige parochie, maar het zou nog tot 1524 duren voordat deze wens in vervulling ging. In dat jaar kwam er een pauselijke goedkeuring voor de oprichting van een eigen parochie. Die gaf meteen ook de parochiegrenzen aan.

Ondanks het conflict tussen katholieken en protestanten bleef tijdens de Tachtigjarige Oorlog de godsdienstvrijheid bestaan. Maar met de Vrede van Munster in 1648 kwam daar verandering in.

Ook in Rijen nam de protestantse predikant met zijn aanhang de parochiekerk in beslag. Toenmalig pastoor Coomans hield zich schuil in Rijen. Maar in het geheim heeft hij daar vast pastoraal werk gedaan. Voor de heilige mis moesten de gelovigen zich tot 1815 met schuurkerken behelpen. In dat jaar werd de oude parochiekerk bij koninklijk besluit aan de katholieken teruggegeven.

De enkele protestanten die de kerk hadden gebruikt, lieten hem in belabberde toestand achter. Het was een ruïne geworden, waar kinderen speelden. De katholieken brachten geld bij elkaar om de kerk te restaureren. Voor de toren met de klokken en het uurwerk trof het gemeentebestuur een aparte regeling.

Rond 1900 telde de parochie ongeveer dertienhonderd leden en de oude parochiekerk werd te klein. Er kwamen plannen voor een nieuw gebouw. Architect J. Groenendaal ontwierp een neogotische kerk met 1025 zitplaatsen en een slanke toren van ruim zeventig meter hoog. Mgr. Leyten, bisschop van Breda, wijdde de Maria Magdalenakerk in 1906 feestelijk in.

Maar ook deze grotere kerk bleek niet afdoende. Want in de eerste helft van de twintigste eeuw, de tijd van het ‘rijke roomsche leven’, groeiden en bloeiden ook in Rijen de parochie en de rooms-katholieke verenigingen als nooit tevoren. De Maria Magdalenakerk was al snel te klein voor al die gelovigen. De parochie loste dit gedeeltelijk op door in Rijen-Zuid het Katholiek Militair Tehuis (KMT) als gebedshuis te gebruiken. Aalmoezenier Fritschy was er de grote ‘aanjager’. Voor Rijen-West was een nieuwe kerk de oplossing. Het bisdom benoemde in 1960 J. van Boxel als bouwpastoor van de Maria Boodschap, want zo zou deze kerk gaan heten. Veel parochianen en vrijwel alle Rijense verenigingen droegen financieel hun steentje bij. Architect H.M. Koldeweij ontwierp het gebouw en bisschop G. De Vet zegende het in 1963 plechtig in.

Maar de tijden veranderden snel. Vanaf 1971 gaven tellingen aan dat het kerkbezoek terugliep. De leegloop en de financiële tekorten maakten een fusie van de beide parochies noodzakelijk. Voor veel parochianen lag dit gevoelig, maar twee kerken financieel onderhouden lukte niet. Bovendien pasten de twaalfhonderd overgebleven parochianen opnieuw in één kerk. Genoeg redenen voor het kerkbestuur om in 1982 de parochie Maria Boodschap weer op te heffen en het gebouw te verkopen.

En nu is er dan alleen nog de neogotische Maria Magdalenakerk. Statig uittorenend boven zijn omgeving in het midden van het dorp. De Maria Boodschap is omgebouwd tot cultureel centrum. En is op deze manier nog steeds een plek waar Rijenaren zeven dagen per week terecht kunnen. Nog steeds midden in de samenleving.

Bron: De historische canon van Gilze en Rijen, 2012 - Heemkring Molenheide