Tijd van burgers en stoommachines

Klein-seminarie Hageveld

Priesteropleiding in Voorhout

Het Aartspriesterdom Holland en Zeeland koopt in 1845 voor 36.024 gulden de buitenplaats Schoonoord en noemt het klein-seminarie Hageveld. De buitenplaats is 10 jaar eigendom geweest van Christiaan Lodewijk Coster, Ambachtsheer van Voorhout en fabrikant in Tiel.

De koop omvat ‘de heerenhuizing met koetshuis en stalling, boschgronden, overplaats, moestuinen enz., benevens de Heerlijkheid van Voorhout, de dorpsherberg aan de overzijde van de vaart vanouds genaamd ‘Het Regthuys’ en daaraan verbonden boerderij en weiland.’

In 1846 wordt met de bouw naar een ontwerp van architect Molkenboer begonnen. Op 2 mei 1847 opent het seminarie Hageveld in Velsen haar deuren. Kort daarna start de opleiding voor R.K.-priesters aan het klein-seminarie Hageveld in Voorhout. De naam Hageveld is meegekomen met de eerste plaats van vestiging, de lustplaats Haegenvelt in Velsen.

In 1917 verschijnt ter gelegenheid van het eeuwfeest een gedenkboek, waarin de eerste honderd jaar van het klein-seminarie uitgebreid beschreven staan. Hageveld heeft in die tijd een belangrijke plaats in Voorhout. De transportondernemers, de winkeliers en landbouwers hebben een goede klant aan deze opleidingsschool voor priesters.

Er komt echter een einde aan de verbinding tussen Hageveld en Voorhout. Besloten wordt om niet verder uit te breiden, maar elders een nieuw seminarie te bouwen. Dat gebeurt in Heemstede. In 1923 vertrekken seminaristen en professoren uit Voorhout.
Het onroerend goed wordt gekocht door de Broeders van Onze Lieve Vrouw van Zeven Smarten, die er een internaat vestigen.

Na verbouwing vindt op 23 oktober 1924 de opening plaats van het St. Gerardus Gesticht Schoonoord, waar jongens een ambacht kunnen leren.