1500-1600

De Reformatie

Godsdiensttwisten en heksenvervolgingen

De wereld is aan verandering onderhevig en het christelijk geloof verandert mee. Dat was zo gedurende de hele middeleeuwen. Soms kon zo'n nieuwe geloofsopvatting in de bestaande kerk worden opgenomen, soms was ze te afwijkend en werden de aanhangers als ketters bestempeld en vervolgd. Het woord 'ketter' komt van katharen, zo'n dissidente beweging. Ook in de zestiende eeuw waren er mensen, zoals Jan de Bakker, die vraagtekens plaatsten bij praktijken die in de katholieke kerk waren gegroeid. Sommigen vonden dat de gelovige een directe band met God diende te hebben en dat de tussenkomst van priesters en heiligen daarbij niet nodig was.

In de Bijbel, die mede onder invloed van deze 'protestanten' in de volkstaal werd vertaald, was ook niets te vinden over priesters en heiligenbeelden. Sterker nog, het afbeelden van heiligen werd expliciet verboden! Voor sommige dissidenten was dat aanleiding om de kerk te willen zuiveren. Ze vernielden de heiligenbeelden, de zogenaamde Beeldenstorm, die voor het eerst in 1566 in ons land voorkwam. De zittende kerkvorsten en lokale heersers waren lang niet altijd gecharmeerd van de nieuwe denkbeelden. Nederland maakte deel uit van het rijk van de Spaanse koning. Die beschouwde zichzelf als de kampioen van de katholieke kerk en wenste een einde te maken aan de protestantse beweging. Dat leidde tot vervolging en executie middels de brandstapel van velen. Opvallend genoeg steeg ook het aantal heksenprocessen enorm. Het was een manier om alle vormen van afwijkend denken de kop in te drukken.

De vervolging van hervormingsgezinden riep verontwaardiging op en had vaak het tegenovergestelde effect. Belangrijke edellieden probeerden de Spaanse koning tot een mildere opstelling te bewegen. Ook werden andere grieven aan de orde gesteld, zoals het centralisatiestreven van de Habsburgers. De keiharde reactie uit Spanje - een aantal edelen werd ter dood gebracht en een Spaans leger werd naar het noorden gestuurd - zorgde ervoor, dat de Opstand steeds meer aanhangers kreeg. Een gewapende strijd met de Spaanse koning en zijn troepen volgde. Na een langdurige oorlog werden uiteindelijk de Spanjaarden verdreven en ontstond de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.

Op lokaal niveau wisselde de aanhang van de nieuwe bewegingen. In Polsbroek en in de baronie IJsselstein waren er nogal wat protestanten te vinden, maar in andere plaatsen bleven veel mensen de katholieke kerk trouw.