Eind 14e en 15e eeuw

Moderne Devotie

Amersfoort als religieus centrum

Amersfoort groeide in de veertiende en vijftiende eeuw uit tot een religieus centrum voor heel Eemland. Lange tijd was de St. Joriskerk het belangrijkste godshuis in Amersfoort. Toen de bevolking toenam, werden twee kapellen bijgebouwd. Pas in de veertiende eeuw, toen de stad flink in omvang groeide, veranderde het religieuze landschap ingrijpend.

Belangrijk was daarin de prediking van Geert Grote. Hij propageerde een ascetisch en eenvoudig christelijk leven en kreeg veel aanhangers. Hij vond dat ieder mens een persoonlijke band met God moest zoeken. De geestelijkheid was in zijn ogen als intermediair niet nodig. Dat werd hem door de kerk niet altijd in dank afgenomen. Grote's idealen liepen vooruit op veel denkbeelden van de Reformatie. De beweging van Geert Grote werd de Moderne Devotie genoemd en sloeg in Amersfoort erg aan.

Kort na 1380 besloot een aantal van Grote's volgelingen samen te gaan wonen in een huis in de stad. Dit soort gemeenschappen kwam op meer plaatsen op. Een godsvruchtig leven in armoede, eenvoud en soberheid stond daarin centraal. Deze 'Zusters van het Gemene Leven' kregen in 1397 de beschikking over een eigen kapel. Inmiddels was ook een mannelijke Broederschap ontstaan die aan de St. Jansstraat een eigen leefgemeenschap had gesticht. Ook deze Lieve Vrouwebroederschap beschikte over een kapel. Het nieuwe religieuze gevoel uitte zich ook in de stichting van het Nieuwe Gasthuis, waaraan een Fraterhuis van de Broeders van het Gemene Leven was verbonden. In de vijftiende eeuw werden deze kapellen en gasthuizen flink uitgebreid.

Kloosters konden uit verschillende leefregels kiezen. Zo waren er Augustijner, Benedictijner en Franciscaner kloosters. Sommige kloosterorden concentreerden zich meer op gebed en contemplatie, anderen op ziel- en sociale zorg. Zo ontstond in Amersfoort een nieuw klooster aan de St. Andrieskamp, dat zich aansloot bij de kloosterregel van Augustinus. Later verhuisde dit klooster naar De Birkt bij Soest en ging verder onder de naam Klooster Mariënhof.

In Amersfoort zelf werd het St. Barbaraconvent opgericht, terwijl de gemeenschap van de Zusters inmiddels het St. Agnietenconvent was gaan heten. Dat was ook een echt klooster geworden toen de zusters zich bij de Franciscanen aansloten. Door zich te verbinden met een door de Paus erkende kloosterorde, gingen de Moderne Devoten conflicten uit de weg. Door de stichting van kloosters, kapellen en gasthuizen was Amersfoort een belangrijk religieus centrum geworden.