1782

Sara Burgerhart

Rebelse vrouwen in tijden van Verlichting

De schrijfsters Elisabeth Bekker en Agatha Deken, beter bekend als Betje Wolff en Aagje Deken, publiceren in 1782 een opmerkelijk en vernieuwend boek. Het gaat over de negentienjarige wees Sara Burgerhart: een jonge vrouw op zoek naar geluk en liefde. De inhoud is vooruitstrevend omdat het boek een pleidooi is voor de ontwikkeling van vrouwen.

Burgerschap
Sara Burgerhart is representatief voor de Nederlandse Verlichting, die tot bloei komt in de achttiende eeuw. De Verlichting is een brede intellectuele, culturele beweging, die het gezond verstand als remedie tegen maatschappelijke problemen beschouwt. Nederlandse schrijvers verspreiden burgerlijke principes vanuit een christelijke invalshoek. Hoe gematigd hun opvattingen soms ook zijn, ze zijn kritisch over het bestaand gezag. Zo stellen ze vragen over de kerkelijke leer en zijn ze voorstander van een actievere deelname van vrouwen aan het maatschappelijke debat. De opvoeding van kinderen tot goede en deugdzame burgers staat centraal en wordt gezien als de basis van een gelukkige en evenwichtige maatschappij.

Vrouwen
Voordat Wolff en Deken elkaar in 1776 leren kennen, schrijven ze beiden al. Betje Wolff (1738-1804) is getrouwd met een dertig jaar oudere predikant en woont in de pastorie van Middenbeemster. In haar werkkamer schrijft ze proza en poëzie. Ze krijgt veel commentaar op haar kritische gedicht De onveranderlyke Santhorstsche geloofsbelydenis (1772), waarin ze een vrije geloofsopvatting verdedigt. Ook Aagje Deken (1741-1804), opgegroeid in een Amsterdams weeshuis, heeft al enkele publicaties op haar naam.

Als de vrouwen elkaar leren kennen, voelen ze vrijwel direct een zielsverwantschap. Na het overlijden van Wolffs man in 1777 gaan ze bij elkaar wonen. Ze werken heel goed samen en brengen als duo publicaties uit. Sara Burgerhart is hun bekendste werk. Het is een briefroman met autobiografische elementen. Net als Deken is hoofdpersonage Sara Burgerhart wees. Net als Wolff wordt ze maatschappelijk veroordeeld vanwege een stukgelopen liefdesrelatie. Wolff en Deken schrijven in het boek over een thema dat iedereen aanspreekt: de zoektocht van een jonge vrouw naar het geluk in de liefde. Sara gaat op zoek naar een geschikte huwelijkspartner. Na een mislukt avontuur vindt zij uiteindelijk de geschikte kandidaat: Hendrik Edeling.

De boodschap van de auteurs is revolutionair: trouw niet voor het geld maar om de liefde. Ze benadrukken dat vrouwen hun verstand moeten ontwikkelen en zelfstandig keuzes moeten maken. Een typisch verlicht boek dus, waarmee ze de ‘Nederlandse juffers’ willen aanmoedigen zich vrij te ontwikkelen. Die vrije ontwikkeling moet overigens wel passen bij hun rol als vrouw, die in die tijd anders is dan de rol van de man. Maar dat mag niet verhinderen dat vrouwen over alles kunnen meepraten en meedenken.

Behalve Wolff en Deken zijn er nog veel meer vrouwen die in die tijd de pen opnemen. Ze moeten vaak opboksen tegen vooroordelen. Dat geldt ook voor de adellijke Belle van Zuylen (1740-1805). Zij schrijft in het Frans en laat vrouwen nadenken over hun achtergestelde maatschappelijke positie. Haar bekendste uitspraak is "Ik heb geen talent voor ondergeschiktheid".

Patriotten
Wolff en Deken verdienen hun inkomen met schrijven en blijven trouw aan hun patriottische principes. Een paar jaar na de verschijning van hun briefroman wordt een patriottenopstand neergeslagen en ontvluchten ze Nederland, net als duizenden andere patriotten. Na de Bataafse Revolutie van 1795 keren ze weer terug. Beiden overlijden in november 1804 en worden in hetzelfde graf in Scheveningen begraven.

 

Bijbehorende hoofdlijnen: