Gerard Leeu
In 1477 vestigt boekdrukker Gerard Leeu zich in Gouda. Tot dan toe worden er in de Goudse kloosters boeken met de hand geschreven in het Latijn. Dit gebeurt op bestelling. Het werk van Leeu is van groot belang voor de boekgeschiedenis in de Nederlanden. Leeu is de eerste die Nederlandstalige werken drukt voor de gewone burger. Zijn vernieuwende druktechnieken krijgen in heel Europa navolging. Gerard Leeu wordt vermoedelijk omstreeks 1450 geboren. Van de eerste 25 jaar van zijn leven weten wij niet meer dan dat zijn vader Gherrit heet en dat hij een oudere broer Claes heeft. Gerards naam duikt op in 1477 als hij in Gouda zijn drukkerij begint. In zeven jaar bouwt Leeu in Gouda een vruchtbaar drukkersbedrijf op. Hij onderhoudt een groot netwerk aan contacten met andere drukkers. Op den duur moet Leeu op zoek naar een grotere afzetmarkt, Gouda is te klein. Daarom verhuist hij in 1484 naar Antwerpen en gaat daar verder met zijn drukkerij. In 1492 komt er op ongelukkige wijze een eind aan Leeu’s leven. Tijdens een ruzie met zijn lettersnijder steekt deze hem neer. Een paar dagen later overlijdt Leeu aan zijn verwondingen.
Reynaert die vos
In 1479 drukt Leeu als eerste boekdrukker het meest populaire literaire werk uit de middeleeuwen, het verhaal Van den vos Reynaerde. Gouda heeft daarmee de primeur van de eerste druk van de Reynaert. Leeu heeft een goede neus voor de markt en voelt aan wat mensen graag willen lezen. De vele kloosters in Gouda zorgen ervoor dat de bevolking redelijk geletterd is. Steeds meer mensen kunnen lezen en schrijven, dus de behoefte om thuis boeken te lezen groeit. Van belang is wel dat de boeken in de eigen taal geschreven zijn. En dat is precies wat Leeu doet: geen Latijnse, maar Nederlandse boeken maken. Tot die tijd wordt het verhaal van Reynaert mondeling overgeleverd door vertellers en jongleurs op een markt of feest aan een groep mensen. Leeu bereidt zijn publiek voor op de nieuwe manier van presentatie van de Reynaert: een boek. Hij legt op de eerste pagina’s uit dat je moet oefenen en de tekst steeds opnieuw moet lezen. Uiteindelijk zal het boek ‘seer gheneuchtelijkck’ zijn, en zal je veel lol beleven aan het verhaal, ook al ben je als lezer alleen.
Vernieuwend
Leeu drukt Nederlandstalige boeken, dierenverhalen, maar ook religieuze of Bijbelse werken. Hij is ook vernieuwend in de presentatie van het drukwerk. Hij werkt met andere lettertypes die hij uit Italië meeneemt. En in 1480 bedenkt hij iets nieuws voor afbeeldingen in zijn boeken. Hij laat de afbeelding uit een stuk hout snijden door een beeldhouwer of houtbewerker, een zogenaamde houtsnede. De houtsnede wordt in het zetsel van een pagina geplaatst en samen met de tekst in één keer gedrukt. Het blijkt een succesvolle methode, die overal in Europa navolging krijgt. De houtsnede kan meerdere keren gebruikt worden. Drukkers ruilen of kopen houtsneden van elkaar. Daarom staan de afbeeldingen die Leeu gebruikt heeft ook in boeken van drukkers uit Haarlem, Delft en Zwolle. Ten slotte introduceert hij als eerste de titelpagina. Tot die tijd begint een boek op de eerste pagina meteen met de tekst. Leeu voegt daar een pagina aan toe met informatie over de inhoud van het boek, de auteur en de boekdrukker of uitgever. Daarvoor laat hij een houtsnede maken met daarop zijn eigen drukkersmerk, een soort logo. Al deze vindingrijke druktechnieken worden in heel Europa overgenomen. Gerard Leeu zet zo Gouda als drukkersstad op de kaart.
Collatiebroeders
De broeders van het Collatiehuis aan de Jeruzalemstraat zijn de belangrijkste makers van boeken in de vijftiende en zestiende eeuw. In eerste instantie zijn dat handgeschreven boeken. Het klooster produceert voor de markt. Een belangrijke afnemers van hun boeken zijn de Sint-Janskerk en zeer waarschijnlijk ook de kloosters in Gouda. Ze schrijven vooral missalen en gebedenboeken die in de kerk en kloosterkapellen gebruikt worden. De boeken worden geschreven en versierd met fraai penwerk (kleurige versieringen) en miniaturen (kleine afbeeldingen). Als Gerard Leeu in 1484 uit Gouda vertrekt zijn de broeders van het collatiehuis degenen die zijn werk en klanten overnemen. Hun eerste drukwerk bevat wereldlijke boeken versierd met houtsneden voor de burgerij. Maar al snel zijn het vooral boeken over liturgie, religie en onderwijs. Behalve deze boeken is de drukkerij van het Collatiehuis bekend vanwege de zogenaamde geprinte registers, bestemd voor de secretarie van de stad Gouda. Het zijn gedrukte namenlijsten van personen die een jaarlijkse rente ontvangen van de stad. De boeken met voorgedrukte namen besparen de klerken op het stadhuis veel extra schrijfwerk. De geprinte registers zijn de oudste gedrukte archiefstukken in Nederland. Een andere opdracht voor de drukkerij van het Collatiehuis is ‘duysent briefkens te prenten voor de tweeste paerdenmarct’. Het zijn folders om te adverteren voor de tweede paardenmarkt in 1504, die binnen en vooral buiten de stad verspreid worden. In 1521 stoppen de broeders met hun drukkerij, mogelijk omdat er inmiddels meer concurrentie is in het drukkersvak.
Jasper Tournay
Een andere belangrijke drukker is de omstreeks 1561 in Leuven geboren Jasper Tournay. Als drukker is hij twee perioden in Gouda actief, van 1584 tot 1590 en van 1608 tot 1635. Na een kort verblijf in Delft vestigt hij zich in 1584 als boekdrukker in Gouda. Gouda is in die periode een tolerante stad waar bijvoorbeeld een vrijdenker als Coornhert kan wonen en werken. Na zes productieve jaren komt er een abrupt einde aan de drukkerij van Tournay. Het is niet uitgesloten dat dit verband houdt met het overlijden in 1590 van Coornhert, zijn belangrijkste auteur en opdrachtgever. Tournay verlaat Gouda om in Leiden als letterzetter aan de slag te gaan. Vervolgens vestigt hij zich als zelfstandig boekdrukker in Enkhuizen. In 1608 waagt hij een herstart als boekdrukker in Gouda. Tot aan zijn overlijden in 1635 drukt hij in zijn bedrijf, gelegen aan Achter de Vismarkt, nog veel boeken. Hij is vooral bekend door het drukken van boeken die elders verboden zijn.