Roepaan in Ottersum

Herberg, pension, internaat, verpleeginrichting en rijksmonument

Langs de Kleefseweg van Ottersum naar Ven-Zelderheide ligt het voormalig klooster Maria Roepaan, tegenwoordig Landgoed Roepaen genoemd. Het klooster werd in 1882 gesticht door de zusters van de Goddelijke Voorzienigheid. De zusters kwamen hier terecht tijdens de Kulturkampf tussen de Duitse regering en rooms-katholieke kerk. Net als tientallen andere Duitse ordes en congregaties trokken de zusters over de grens naar Nederland, ook naar Ottersum.

De naam Roepaen
Een veel geaccepteerde verklaring voor de naam Roepaen is dat de bewoners van de herberg werden aangeroepen als er mensen over de Niers gezet moesten worden. De herberg had dus een soort veerhuisfunctie. Een andere verklaring voor de naam is dat de herberg langs een ruwe (‘roe’) weg of baan (‘paen’) baan, lag. De naam zou dan een soort adresaanduiding kunnen zijn. Roepaen wordt zowel met ae als met aa geschreven, ook al in die tijd. Zeker is, dat toen de zusters de boerderij /herberg geschonken kregen, zij de toewijdden aan de H. Maria en de naam Maria Roepaan bezigden. 

Het begin
De zusters kwamen in het bezit van de boerderij annex herberg Roepaen van de familie Van de Loo. De gemeenteraad van Ottersum gebruikte het pand ook voor vergaderingen. Bovendien waren er een wijnhandel en brouwerij gevestigd.

De zusters begonnen met zorg voor zieken, ouden van dagen en weeskinderen zoals zij ook al in Duitsland deden. Hun werk droegen ze op aan de H. Maagd Maria en zo veranderde de naam van het klooster in Maria Roepaan. De zusters startten met een bewaarschool, een vorm van kleuteronderwijs, en een handwerkschool. Ze begonnen met Duitse weeskinderen en richtten een pensionaat in voor de opleiding van meisjes in de huishouding.

Het kloostercomplex wordt groter
Begonnen in de boerderij van Van De Loo werd het complex aan de oostelijke zijde uitgebreid. Rond de eeuwwisseling werd uitbreiding van het klooster dringend noodzakelijk. In 1899 werd de eerste nieuwbouw opgeleverd. Enkele jaren later werd verdere uitbreiding noodzakelijk. Daartoe werd in 1908 de boerderij, waar alles was begonnen, afgebroken en werd de huidige linkervleugel gebouwd met onder andere de kapel en aan de achterzijde het zusterhuis.

Nog een klooster
Vanuit de parochie in Ottersum werd een beroep op de zusters van Maria Roepaan gedaan om zich in te gaan zetten voor het lager onderwijs aan de dorpsjeugd. Het kerkbestuur liet in 1896 een klein klooster bouwen aan ’t Stepke, toegewijd aan St Antonius. Ernaast verrees de meisjesschool. In 1958 wordt dit klooster opgeheven en sindsdien is het particulier bewoond.

Een ommezwaai
Na de Eerste Wereldoorlog kwamen veel Duitse leerlingen niet meer terug naar Maria Roepaan. De zusters richtten daarop een deftig pension in voor welgestelde dames en heren. Bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog gingen de leerlingen naar huis en bleven de pensiongasten over. Dat waren woelige, angstige tijden waarin onder andere Duitse soldaten en Russische krijgsgevangenen moesten worden gehuisvest. In oktober 1944 moest de hele bevolking uit de regio evacueren, zo ook de bewoners van het klooster.

Toen de zusters in het voorjaar van 1945 terugkeerden was het klooster deels vernield. In het nog bewoonbare gedeelte zaten Engelse militairen. Toen deze vertrokken waren werd het nog overeind staande kloostergebouw hersteld, maar het rechterdeel van het grote gebouw is nooit meer herbouwd.

Een nieuw begin
De congregatie vroeg zich af wat de toekomst van het klooster kon worden, passende bij haar doelstelling: hulp bieden aan de naaste. Al snel kwam er een nieuwe taak op de zusters af: de situatie rond veel mensen met een verstandelijke beperking (toen noemde men ze zwakzinnigen) was schrijnend en slecht georganiseerd.

De zusters werd gevraagd om de zorg en verpleging van deze mensen op zich te nemen. Ze ontwikkelden hier een grote expertise in. Diverse religieuzen waren in de verpleging werkzaam, maar er kwam ook een opleiding tot Z-verpleegkundige.

Maria Roepaan als grote werkgever
Gaandeweg werd Maria Roepaan een grote werkgever in de regio. In Ottersum maar ook in de andere kernen in de gemeente wonen tientallen mensen, die dankzij Maria Roepaan naar Ottersum zijn gekomen en hier hun geluk hebben gevonden. Ze waren niet alleen werkzaam in de zorg en verpleging, maar ook in andere functies, zoals het onderhoud en de technische dienst.

De impact van het instituut Maria Roepaan was groot, ook voor de omgeving. Door de grote toestroom van voornamelijk vrouwelijk personeel, dat veelal van buiten de regio kwam, brak de tot dan toe vrij gesloten dorpscultuur van Ottersum open. Maria Roepaan deed ook wetenschappelijke studie naar het fenomeen ‘geestelijk gehandicapt’. Men had er zelfs een laboratorium voor onderzoeken dat nationale bekendheid genoot.

Andere bestemming voor het klooster
In 1974 werd een compleet nieuw zorgcentrum Maria Roepaan aan de Siebengewaldseweg betrokken. Het kloostergebouw aan de Kleefseweg werd verkocht, wisselde regelmatig van eigenaar en verkommerde in toenemende mate, waarbij krakers het pand bezetten.

In 1990 kocht het echtpaar Kuypers het complex. De illegale bewoners vertrokken en het complex werd opgeknapt. Er kwamen woonappartementen, een cultureel podium en een party- en congrescentrum. Zij voerden de naam Roepaen met ae weer in. Als poppodium was Roepaen lange tijd vermaard. Inmiddels zijn deze activiteiten uit het pand verdwenen en anno 2024 wacht het op een nieuwe bestemming.

De bezichtiging van het tegenwoordige rijksmonument is aan te bevelen. Heel bijzonder zijn de fraai gerestaureerde glas-in-loodvensters in de kapelruimte. De vier ramen met vrouwelijke heiligen staan vóór die van de vier ramen met mannelijke heiligen. Zo geëmancipeerd dachten de nonnen al een eeuw geleden.

Hoe het verder ging
Door nieuwe inzichten is de zorg voor mensen met een beperking helemaal veranderd. Maria Roepaan werd onderdeel van de grote regionale organisatie Dichterbij. De intramurale zorg is er nu alleen nog voor mensen met zware beperkingen. Het complex aan de Siebengewaldseweg is helemaal gesaneerd en is nu een natuurgebied. De wegenstructuur op het terrein is nog goed waarneembaar en geeft een indruk van de omvang van het voormalige complex.

Vensterauteur: Frans Meeuws