De Pijp stond bekend als een eentonige wijk vol haastig gebouwde woningen van slechte kwaliteit. Maar de buurt bruiste van leven. Kunstenaars, hoeren en studenten bevolkten het gebied rond de Albert Cuypstraat, waar in 1912 een rumoerige zesdaagse markt kwam. In de Quellijnstraat zag het Nederlandse cabaret het levenslicht.