1858-1953

Hugo Poortman

Een tuinarchitect die zijn sporen heeft nagelaten

Tijd van wereldoorlogen

Van 1916 tot 1953 werd de prachtige villa Peckedam, gelegen aan het begin van de oprijlaan van kasteel Nijenhuis, bewoond door Hugo Poortman. Eén van de toonaangevende tuin- en landschapsarchitecten van zijn tijd. Hugo Anne Cornelis Poortman bracht zijn jeugd door in Zwolle, waar zijn vader Nederlands Hervormd predikant was. In 1879 beëindigde hij zijn studie aan de Staats Tuinbouwschool in Vilvoorde, dé opleiding voor tuinarchitectuur in Nederland en België. Na zijn studie trad hij in dienst bij de vermaarde Franse tuin- en landschapsarchitect Edouard André, die behalve in Frankrijk ook grote opdrachten uitvoerde in Italië en het tsaristische Rusland.
Hugo Poortman was avontuurlijk en ondernemend ingesteld. Hij ondernam een ontdekkingsreis naar het Andesgebergte om zeldzame en onbekende planten te zoeken en was in Ecuador, juist toen daar een revolutie uitbrak. Hij kon het land niet meer verlaten en moest er als huisschilder en kroegbaas aan de kost zien te komen. Pas na ruim 2 jaar vol ontberingen en ziekte keerde hij in 1885 in Parijs terug. In dat jaar kreeg Edouard André van graaf van Aldenburg Bentinck de opdracht een grote formele tuin bij het huis Weldam te ontwerpen. De uitvoering van het plan droeg hij op aan zijn leerling Hugo Poortman. De graaf was kennelijk onder de indruk van het werk van de jonge Poortman. In 1887 bood hij hem de functie aan van particulier secretaris en rentmeester over zijn landgoederen Weldam, Wegdam en Middachten (in De Steeg bij Arnhem). Poortman accepteerde de baan, maar behield de vrijheid om zelfstandig op te treden, waardoor het mogelijk was tussendoor ook aan andere opdrachten te werken.

Talloze opdrachten

Zo was hij werkzaam op het landgoed Twickel. Hier woonde baron van Heeckeren van Wassenaer, een broer van gravin Aldenburg Bentinck van het Weldam. In 1886 ontwierp Edouard André voor Twickel drie alternatieve ontwerpen voor de binnentuin bij de Oranjerie. En ook hier voerde Poortman één van deze plannen uit. In respectievelijk 1887 en 1891 ontving Poortman zelf de opdracht voor tuinaanleg op het Huis te Amerongen en het nabij gelegen Zuylenstein te Leersum. Uit september 1888 dateert zijn "plan van aanleg der onmiddellijke omgeving van het Nijenhuis te Diepenheim" voor Lodewijk Hieronymus graaf Schimmmelpenninck, dat in 1889 werd uitgevoerd. Behalve van landgoedeigenaren ontving Poortman ook vele opdrachten voor de aanleg van openbaar groen. In 1891 won hij de prijsvraag voor de aanleg van de Singels van Arnhem en samen met zijn collega L.A. Springer veranderde hij Park Sonsbeek. Veel later, in 1920, accepteerde hij nog de opdracht van de voormalige Duitse keizer Wilhelm II om het park rondom Huis Doorn te reorganiseren. Toen hij merkte dat er buiten zijn medeweten veranderingen in het park waren aangebracht, gaf hij deze opdracht terug. Het laatste project dat naar zijn inzichten werd uitgevoerd, was de Algemene Begraafplaats Voorst te Zwolle (1932).

Bewoner van landhuis Peckedam

Tot 1915 woonde Hugo Poortman met zijn vrouw in de cottage aan het begin van de oprijlaan van het Weldam. De tuinen van Weldam, waarin het ontwerp van André nog steeds zichtbaar is, behoren tot de best bewaarde in Nederland. Om gezondheidsredenen legde Hugo Poortman in 1915 zijn rentmeestersfunctie neer. Na een kort verblijf in Oosterbeek huurde hij in 1916 het landhuis Peckedam van graaf Schimmelpenninck van het Nijenhuis.
Tijdens zijn leven vervulde Poortman een groot aantal bestuursfuncties. Hij was een heel precies, aristocratische man, met een sterk sociaal gevoel. Zo was hij voorzitter van de Bond van Nederlandse Tuinarchitecten, hoofdbestuurslid van de Koninklijke Maatschappij voor Tuin- en Plantkunde en voorzitter van de Coöperatieve Landbouwvereniging Overijssel. Ook plaatselijk was hij zeer actief en met name zijn inzet voor de boeren was opvallend. Hij was medeoprichter van de coöperatieve boerenleenbank Kedingen en initiatiefnemer, bestuurslid en directeur van de zuivelfabriek Weddehoen te Goor. In Diepenheim was hij van 1931 tot 1933 gemeenteraadslid en wethouder namens de partij "Lijst Poortman". Jarenlang was hij ook penningmeester van het Groene Kruis. Zijn schoonzuster, die ook op het Peckedam woonde, was heel lang presidente. Hugo Poortman heeft een belangrijk aandeel gehad in de oprichting in 1924 van deze vereniging en in het aanstellen in 1928 van zuster Engelen, de eerste wijkzuster in Diepenheim. Hugo Poortman is altijd op Peckedam blijven wonen. Ondanks zijn zwakke gezondheid, maar steeds met een heldere geest, bereikte hij de hoge leeftijd van 95 jaar.