Canonmuseum

Amsterdam Museum

Het Amsterdam Museum presenteert verschillende topstukken die het venster Slavernij uit de Canon van Nederland illustreren. Meer over topstukken en activiteiten vind je hieronder.

Het Amsterdam Museum staat midden in het historische centrum van Amsterdam. Het museum vertelt niet alleen over de geschiedenis van de stad, maar ook over haar heden en toekomst.

Amsterdam Museum
Kalverstraat 92 / Sint Luciënsteeg 27
Amsterdam

www.amsterdammuseum.nl

Topstukken

De Huydecopers: Nederlandse patriciërs met nazaten in Afrika

Het beeld en de foto tonen de verbondenheid van een vooraanstaande Amsterdamse familie met het Afrikaanse slavernijverleden. De man in marmer is Joan Huydecoper (1599-1661), bewindhebber van de VOC en zesmaal burgemeester van Amsterdam. Diens achter-achterkleinzoon, Jan Pieter Theodoor, werkt in de 18e eeuw als directeur-generaal voor de WIC in Elmina (Ghana). Daar staat het beruchte slavenfort waar gevangengenomen Afrikanen hun overtocht naar de Amerika's afwachtten. Jan Pieter Theodoor trouwt met Penni Raems, dochter van een witte man en een inheemse vrouw. De nakomelingen van dit echtpaar blijven in Ghana. In 1839 wordt hun achter-achterkleinzoon Johannes Huydecoper geboren, de man op de foto.

Een andere blik op de Gouden Bocht

Gerrit Berckheyde legde een belangrijk moment in de Amsterdamse geschiedenis vast: de westelijke stadsuitbreiding. Het schilderij toont een van de duurste stukjes van Amsterdam. De enorme grachtenpanden aan de Herengracht zijn net opgeleverd als Berckheyde ze schildert, in 1685. Achter deze gevels wonen dan de rijkste families van de stad. Amsterdam bloeit als nooit tevoren, maar wel tegen een prijs. Sommige Amsterdammers verdienden grof geld aan de verkoop en uitbuiting van mensen aan de andere kant van de wereld.

Suikerplantage Waterlant in Suriname: een rooskleurig beeld van de harde realiteit

Dit poëtische schilderij van Dirk Valkenburg strookt niet met de harde werkelijkheid op de suikerplantages. We zien schepen op de Surinamerivier en een grote schuur, maar in die schuur persen tot slaaf gemaakte Afrikanen suikerriet voor de Hollanders. Het is zwaar en gevaarlijk werk. Als Valkenburg dit schilderij maakt in opdracht van plantage-eigenaar Johan Witsen, is er net een opstand. Witsen verbiedt zijn arbeiders om bij hun partner te slapen. Ook mogen ze niet meer naar andere plantages lopen en verliezen ze hun vrije zaterdag. De opstand wordt hardhandig neergeslagen. In de nalatenschap van Witsens kleinzoon bevonden zich in 1790 tien Surinaamse schilderijen van Valkenburg.